Antiquariaat: Naar Suriname!
Johan Hendrik van Balen (1851-1921) werkte als ambtenaar in Den Haag, maar besloot in 1889 om uitgever en drukker te worden. Hij wil de aandacht vestigen op Suriname als land voor mensen die uit Nederland willen emigreren. De overheid had het voornemen om landbouwers naar Suriname te sturen. Aan hen en aan het grote publiek wil de auteur vertellen wat voor land Suriname is en wat men daar zou kunnen doen. Het goud ligt er weliswaar niet op straat, maar het is er wel te vinden. Ook in Suriname, zo stelt Van Balen, moet men werken om te eten.
Suriname is volgens Van Balen de schoonste kolonie die Nederland bezit. Verder roemt hij de buitengewone vruchtbaarheid van het land, de uitgestrekte savanna’s en de rivieren met paradijselijke oevers. Het leven is in Suriname eenvoudiger en minder kostbaar dan in Nederland. Slapen doet men het best in eenvoudige hangmatten of een met zeildoek bespannen veldezel. Ook krijgt de lezer het advies ondergoed van dunne wol te kiezen en katoen als bovenkleding. Qua eten is matigheid en een geregeld leven een vereiste. Het voedsel moet licht verteerbaar zijn en alcohol moet zoveel mogelijk beperkt worden, net als het gebruik van de in overvloed aanwezige vruchten. Als drank is limonade van citroen, lemmetje of tamarinde aan te bevelen.
De meeste kans van slagen heeft men als men zich toelegt op de landbouw en veeteelt. Suriname leent zich uitstekend voor het oprichten van een fabriek van vruchtenwijnen, -sappen en jam. Van Balen noemt bijvoorbeeld zuurzak, kaneelappel, sapotille, de meloenboom (papaja), markoesa en ananas. De rijkdom aan kostbare houtsoorten biedt ook kansen voor de houtkap of een stoomhoutzagerij. Suriname is rijk aan Caoutchoucbomen, de Pisi of Krassi, de Locusboom of de Montiboom. Ten slotte kan men in de balata-industrie aardig verdienen, vooral voor hen die van reizen, trekken en van een vrij leven in de wildernis houden. In 1894 werden er 24 concessies ter exploitatie uitgegeven. De concessiehouder ontvangt het recht om bolletriebomen te zoeken en om de aanwezige ‘getah-pertjah’ te bemachtigen. In de bast van de boom worden inkervingen gemaakt en de ‘melk’ wordt in kalebassen opgevangen.
De tabaksindustrie zou nieuw leven ingeblazen kunnen worden. De teelt van tabak levert in Frans-Guyana veel op, dus waarom zou dat niet in Suriname kunnen, vraagt Van Balen zich af. De goudwinning werd in 1874 in het leven geroepen door gouverneur C. A. van Sypesteijn. Het Surinaamse goud kan tot de fijnst bekende soorten worden gerekend.
De ‘Surinaamsche neger’ gaat ervan uit dat werken, in het bijzonder veldarbeid, een schande is. Door het goede voorbeeld van de Hollanders komt daar nu enige verandering in. Van Balen grossiert in vooroordelen en boude uitspraken.
Van Balen pleit ook voor het exploiteren van verlaten plantages. Hij verwijst naar een in 1875 verschenen brochure ‘Suriname en de Surinaamsche kwestie’ door Johan. Daar is te lezen dat de plantage Livorno, 744 hectare groot en niet ver van Paramaribo gelegen, enige jaren terug fl. 70.000 waard was, maar nu voor slechts fl. 5.500 is verkocht. Plantage Broederhoop, 780 hectare groot, werd voor fl. 650 verkocht en plantage Herstelling slechts voor fl. 115.
Van Balen besluit zijn relaas met de stelling dat velen die in Nederland een schamel stukje brood hebben, in Suriname tot welvaart zouden geraken; men betaalt er geen belasting, geen pacht, geen schoolgeld en er zijn rivieren die vol met vis zitten. Hij spreekt ten slotte de hoop uit dat veel flinke jongemannen door het lezen van dit boekje worden gestimuleerd in Suriname een toekomst te zoeken.
Dit boekje vinden we slechts in een handvol bibliotheken. Het is gevat in een papieren band en veel exemplaren zullen de tand des tijds niet overleefd hebben. Het boek is doorspekt met een aantal fraaie foto’s waarvan enkele gemaakt door Julius Muller (Surinaams ambtenaar, ondernemer, politicus en amateurfotograaf, 1846-1902, red.).
Carl Haarnack
www.bukubooks.nl
Naar Suriname!: gids voor allen, die wenschen te emigreeren door J. Hendrik van Balen. Johan Hendrik van Balen (1851-1921). Kampen: Van Hulst, 1905
Gepubliceerd in het augustus/septembernummer van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname)
Wilt u digitaal lezen? Kijk op www.parbode.com/abonneren




