De harde aanpak versus gentle parenting
In Suriname zijn wij generaties lang grootgebracht met de harde hand (schreeuwen en slaan). Daar tegenover staat gentle parenting oftewel het zachtaardig opvoeden van kinderen. Dit is een opvoedstijl waarbij kinderen op een respectvolle manier worden grootgebracht zonder slaan en schreeuwen. Bij deze opvoedstijl worden wel duidelijke grenzen aangegeven, het is dus niet alleen zacht en grenzeloos. Volgens de kinder- en jeugdpsycholoog Cruden hebben deze opvoedstijlen een verschillend effect op kinderen. Welke van deze twee opvoedstijlen is de verstandigste optie?
Door Chiara van Leeuwaarde
Juljo Cruden, MSc is kinder- en jeugdpsycholoog. Hij is werkzaam bij Psychologie Praktijk Octagon, waar hij jongeren helpt omgaan met diverse uitdagingen zoals stress, angst en emotionele problemen. Hij biedt ook begeleiding aan ouders door middel van opvoedtips. Zijn focus ligt op het bevorderen van het welzijn en de ontwikkeling van jongeren, zodat ze beter om kunnen gaan met hun emoties en zich veerkrachtiger voelen. Volgens Cruden leert een kind dat opgroeit in een omgeving waar de ‘harde aanpak’ als normaal wordt gezien dat liefde en aandacht afhankelijk is van goed gedrag. De boodschap is vaak: ‘Ik wordt alleen gezien als ik iets fout doe.’ Dit maakt het kind niet sterker, maar juist kwetsbaarder. In zo een situatie ontwikkelt het kind geen gevoel van veiligheid, maar juist angst en dat is niet bevorderend voor de ontwikkeling. Cruden geeft aan dat het brein van een kind in een staat raakt van voortdurende waakzaamheid als dat kind regelmatig op een ruwe manier fysiek of verbaal wordt gecorrigeerd. Het kind kan zich onveilig en gespannen voelen, dit kan leiden tot stress, angstklachten en slaapproblemen. Uiteindelijk tast deze aanpak het zelfvertrouwen van een kind aan. Dit brengt negatieve gevolgen met zich mee en dat is te merken aan de gedragspatronen van deze kinderen. Sommige kinderen trekken zich volledig terug, anderen worden juist agressief, omdat ze geen andere manier hebben geleerd om zich te uiten of te verdedigen.
Daartegenover staat gentle parenting. Deze manier van opvoeden wordt ook wel respectvol en zachtaardig opvoeden genoemd. Dit is geen grenzeloze stijl, maar juist een aanpak die duidelijke grenzen combineert met empathie en communicatie. Het kind leert verantwoordelijkheid nemen, maar binnen een veilige emotionele ruimte waarin het fouten mag maken. Stel je voor: een kind tekent op de muur. In plaats van te schreeuwen of te slaan, zegt de ouder: “Ik zie dat je graag tekent, maar muren zijn geen papier. Laten we dit samen opruimen, en ik geef je papier waar je wel op mag tekenen.” Dit leert het kind niet alleen wat de grens is, maar ook hoe je verantwoordelijkheid neemt en hoe je fouten herstelt zonder angst, zonder schaamte.
Volgens Cruden kunnen volwassen die op de ‘harde manier’ zijn opgevoed, te kampen hebben met een negatief zelfbeeld, onzekerheid, perfectionisme of het vertonen van emotionele afstand. Zij kunnen ook moeite hebben met het aangaan van gezonde relaties en zij kunnen uit balans raken als ze kritiek krijgen. Hun innerlijke stem is heel hard, omdat het door hun ouders is gevormd. Daar tegenover zullen volwassenen die liefdevol zijn opgevoed, anders ontwikkeld zijn. Zij ontwikkelen vaak meer emotionele intelligentie. Doordat zij op een hele jonge leeftijd hebben geleerd om hun gevoelens te herkennen, benoemen en reguleren, zal het hen lukken om op een latere leeftijd beter te communiceren en gezonde relaties op te bouwen.
“Surinaamse ouders en voorouders hadden het idee dat de harde aanpak nodig was om respect af te dwingen, maar uiteindelijk heeft de psychologie bewezen welk effect dat op de mentale gezondheid en ontwikkeling kan hebben. Gentle parenting vraagt geduld en zelfbeheersing, maar het levert duurzame resultaten op”, zegt Cruden.




