De stille strijd
Tekst: Jason Prisirie
Toen ik Marry-Ann in 2024 leerde kennen, was zij een vriendelijk en bescheiden meisje dat liever observeerde dan sprak. Pas later durfde ze te delen hoe vaak ze zich waardeloos en niet geliefd voelde. Niet lang daarna raakte zij zwanger van een getrouwde man. Toen ik vroeg waarom, zei ze: “Hij zei dat hij van me hield, hij gaf me aandacht.” Wat als liefde begon, eindigde in druk en pijn. Hij eiste dat ze abortus pleegde om zijn huwelijk te beschermen. Ik zag hoe dat haar brak. En toch begreep ik haar hunkering naar iets wat velen missen: gezien en geliefd worden.
Dit verhaal gaat over een meisje, maar ik denk ook aan de jongens. Aan mannen die stil op hun kamer zitten, met vuisten die nooit leren openen. Mannen die nooit hebben gehoord dat huilen geen zwakte is maar lucht, geen falen maar ruimte. De strijd leeft even diep in hen, maar hun woorden blijven steken achter tanden die stoer moeten lijken.
Volgens medisch directeur Rudi Dwarkasing (PCS, 2017) plegen jaarlijks ongeveer 150 Surinamers zelfmoord, gemiddeld 26 per 100.000 inwoners, veel hoger dan het wereldwijde gemiddelde van 16. Onder jongeren is de situatie alarmerender: het BOG registreerde in zeven jaar tijd 823 suïcides tussen 12 en 30 jaar. Dat zijn geen cijfers, maar levens. Stiltes. Onuitgesproken pijn.
In Suriname besteden we te weinig aandacht aan de emotionele gezondheid van jongeren. Het taboe op mentale zorg versterkt hun stille strijd, waardoor velen afglijden naar keuzes die voortkomen uit leegte, onzekerheid of onverwerkt verdriet.
Veel jongeren dragen vragen die ze nergens kwijt kunnen: Ben ik genoeg? Waarom besta ik? Houden mijn ouders van mij? Wat is mijn waarde? Wanneer hier geen antwoord op komt, zoeken ze afleiding in roken, drugs, seks of in mensen die tijdelijke erkenning geven. Daardoor verliezen ze zichzelf, steeds verder weg van eigenwaarde. En omdat niemand hen leert hun waarde te kennen, worden zij gevoelig voor woorden die aandacht beloven maar geen liefde dragen.
Dit is geen individueel incident, maar een structureel probleem dat we te lang hebben genegeerd.
Voor veel jongeren voelt hulp zoeken nog steeds moeilijk. Ze leren dat sterk zijn betekent dragen, zwijgen, doorgaan. Maar juist zwijgen houdt pijn in leven. Het is tijd dat we erkennen dat mentale gezondheid geen luxe is maar noodzaak.
Er is hoop. Onze hersenen kunnen zich herstellen, vernieuwen en veranderen. Overtuigingen kunnen herschreven worden, wonden kunnen helen, patronen kunnen breken, maar alleen wanneer jongeren ruimte krijgen om te praten, te voelen, te zoeken. In plaats van te zeggen dat zij de toekomst zijn, moeten we hen helpen het heden te dragen.
Aan alle jongeren die dit lezen: je hoeft niet sterk te zijn door te zwijgen. Praat. Zoek iemand. Vraag hulp. Je bent niet alleen, niet vandaag, niet morgen. Grijp een hand wanneer het donker wordt, er zijn mensen en organisaties zoals Kinder- en Jongerentelefoon 123 die luisteren, echt luisteren.


