Een ode aan Astrid Roemer
Ik heb naar bronnen gezocht in de berichten over Roemers overlijden op 8 januari 2026 ter bevestiging. Op alle nieuwssites leken de berichten meer op een melding, een gerucht, dan een nieuwsfeit. Ik heb uitgekeken naar de zin ‘…dit bevestigt de familie’ of iets dergelijks. Maar dat bleef uit tot later op de dag, totdat ik het officiële bericht op de facebookpagina van haar uitgever ben tegengekomen. Ik was teleurgesteld dat ze er niet meer was, omdat ik hoopte meer van haar te horen en te lezen. Ruim tien jaar geleden was ik nog lid van een bibliotheek en heb ik mij gek laten maken met Roemers Drieling.
Tekst: Rose-Marie Maître | Beeld: Raúl Neijhorst
Jaren later heb ik nog flashbacks gekregen van mijn inbeelding van de wereld in de verhalen. Zo zag ik het verkeersongeluk voor me, zweeft een voorstelling van de Commewijne van toen ergens boven het ongeluk. Ook mijn inbeelding van de schutting en de badkamer van Abracadabra waren mij bijgebleven, zomaar. Net wanneer ik dacht dat de drieling met elkaar werd verbonden en de zin van haar bestaan zou worden uitgelegd, eindigt het boek en het enige wat ik in eerste instantie voel is frustratie. Fa so? Het lijkt alsof de drieling nergens naartoe gaat, terwijl dat misschien juist de bedoeling is van de schrijfster. Het volledig artikel lezen? Dit staat in het 234-nummer (2026.2) van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname). Wilt u digitaal verder lezen? Kijk dan op www.parbode.com/abonneren





