Het gaat niet goed met de snepi’s
Terwijl ik dit schrijf, is het hard aan het winteren in de Verenigde Staten. Met gierende winden, sneeuwstormen en wagens die vastzitten in meters hoge sneeuw. Beter hier in Suriname, denk ik dan. Hier hebben we rond Kerst en Nieuwjaar zo een heerlijk weer: elke dag zonneschijn, warme maar niet superhoge temperaturen en een lekker windje.
Door Dominiek Plouvier
Onze snepi’s zijn nu ook in Suriname, die houden ook niet van de kou. Vanaf augustus-september komen ze naar Suriname, op de vlucht voor die koude winters in het hoge Noorden. Het zijn echte trekvogels of migratory birds: ze leven de meeste tijd bij ons in Suriname of buurlanden, maar vliegen elk jaar rond maart/april weer noordwaarts, om aldaar te broeden in de toendragebieden van Noord-Canada. Wat een afstanden leggen die kleine vogels toch af zeg, duizenden kilometers om te paren, een nest te maken en jongen groot te brengen! En dan weer terug naar Suriname en omstreken.
Snepi’s is in het Surinaams een verzamelnaam voor een hele rits aan strandvogels, steltlopers, plevieren, en tal van andere kleine waadvogels, die houden van de uitgestrekte modderbanken voor onze Wilde Kust, de parwa en lagunes na de kustlijn. In het Engels heten alle snepi’s eerder shorebirds, in het Nederlands steltlopers.
Helaas gaat het niet goed met de snepi’s, hun aantallen gaan gestadig achteruit. Hoe komt dit toch?
Lees dit artikel in het april/mei-dubbelnummer 228 van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname)
Wilt u digitaal verder lezen? Kijk op www.parbode.com/abonneren





