Jaarverslag Rekenkamer: hoognodige hervormingen bij staatsfinancien blijven steken in oude patronen
De Rekenkamer van Suriname heeft afgelopen week het jaarverslag over 2025 uitgebracht. Uit het verslag blijkt dat de overheid hervormt op papier, maar in de praktijk blijft worstelen met uitvoering, controle en transparantie. Achter de diplomatieke termen zoals ‘structurele knelpunten’ en ‘behoefte aan versterking’, zitten de welbekende problemen waar ons land al jaren mee kampt…falende controlemechanismen, aanbevelingen waar de politiek niet van wakker ligt en een structureel haperende uitvoering van beleid.
Sinds de invoering van de Comptabiliteitswet en het ‘Single Audit’-principe moest het financieel beheer van de staat transparanter en efficiënter worden. In theorie vormt dit een modern controlesysteem dat aansluit bij internationale standaarden, maar in de praktijk blijkt echter dat deze hervormingen nog niet diep genoeg zijn doorgedrongen in het bestuursapparaat.
De Rekenkamer stelt vast dat de aansluiting tussen beleid en begrotingsuitvoering nog steeds gebrekkig is. Ministeries plannen uitgaven en beleidsdoelen, maar slagen er niet in deze effectief te realiseren of te verantwoorden. Er is een structureel probleem binnen de zogenaamde Public Finance Management-keten. De kern van het probleem: hervormingen zijn technisch ingevoerd, maar institutioneel niet verankerd.
Een opvallend beeld dat uit het verslag naar voren komt, is dat van een zwakke interne controle. De Rekenkamer benadrukt dat fouten en onregelmatigheden ‘aan de bron’ moeten worden opgespoord, maar dat dit onvoldoende gebeurt. Interne controle-afdelingen binnen ministeries functioneren niet naar behoren, waardoor onrechtmatige uitgaven niet tijdig worden gesignaleerd, administratieve fouten zich opstapelen en verantwoording achteraf problematisch wordt. Dit betekent concreet dat de Rekenkamer vaak pas in een laat stadium kan ingrijpen; wanneer schade al is ontstaan. Het gevolg is een systeem dat reactief in plaats van preventief werkt.
Onderzochte dossiers
De onderzoeken die in 2025 zijn uitgevoerd door de Rekenkamer, laten zien dat dezelfde problemen zich blijven herhalen:
Grondbeleid: de uitgifte van domeingronden blijft een bron van onregelmatigheden. Opmerkelijk is dat eerdere onderzoeken al soortgelijke tekortkomingen blootlegden. Dat deze jaren later nog steeds bestaan, wijst op een gebrek aan structurele correctie.
Sociale uitkeringen: bij financiële bijstand via het ministerie van Sociale Zaken worden opnieuw tekortkomingen vastgesteld in rechtmatigheid en controle.
Pensioenbeheer: ook bij het Pensioenfonds Suriname zijn er vraagtekens rond de toekenning van pensioenen.
Onderwijssubsidies: subsidies aan onderwijsinstellingen blijken onvoldoende transparant en controleerbaar.
Parastatalen
Een van de meest zorgwekkende bevindingen betreft de naleving van de Wet op de Jaarrekening door parastatale instellingen. Veel van deze staatsgelieerde organisaties rapporteren niet tijdig, voldoen niet aan wettelijke verslaggevingseisen en/of opereren met beperkte transparantie. Dit creëert een financieel ‘grijs gebied’ waarin publieke middelen circuleren zonder adequate controle. Voor een land waar staatsbedrijven een grote economische rol spelen, is dit een structureel risico.
De Rekenkamer benadrukt ook het belang van dechargeverlening door De Nationale Assemblée als sluitstuk van de verantwoordingscyclus. Maar impliciet wijst het verslag op een zwakte: het ontbreken van consequente opvolging van aanbevelingen. Zonder parlementaire druk, bestuurlijke verantwoordelijkheid en concrete sancties blijven rapporten grotendeels zonder gevolgen. Dit ondermijnt het vertrouwen van burgers in het staatsbestel én de effectiviteit van de Rekenkamer.
Wat het jaarverslag vooral duidelijk maakt, is dat het niet gaat om losse incidenten, maar om een systeemprobleem. De belangrijkste structurele zwaktes zijn zwakke interne controle, gebrekkige uitvoering van beleid, onvoldoende naleving van wetgeving, beperkte financiële autonomie van controleorganen en gebrek aan opvolging van aanbevelingen.
De Rekenkamer levert met haar verslag opnieuw een gedetailleerde diagnose van het financieel bestuur in Suriname. Maar zoals vaker ligt de uitdaging niet in het identificeren van problemen, maar in het oplossen ervan. Zolang aanbevelingen niet worden opgevolgd en structurele hervormingen uitblijven, blijft transparantie een formeel proces zonder resultaat. De vraag die boven het verslag blijft hangen is daarom niet wat er mis is — dat is inmiddels duidelijk — maar wie bereid is daar daadwerkelijk iets aan te doen.




