Memre: Oswaldo (Osje) Braumuller ( 1947-2024)
Wie het over Tori Oso of het Owruyari Kawina Festival heeft, moet gelijk aan Osje denken. Een ondernemer in hart en nieren. Niet opgeven, doorzetten en veel liefde voor Suriname, waren kenmerkend voor deze levenslustige man.
Tekst Carl Breeveld
Hij bezocht als jongeman de scheepvaartschool die in 1958 werd opgericht. Daar werden studenten opgeleid tot schipper motorist, motorist kustvaart, stuurman kustvaart en schipper binnenvaart. De meeste afgestudeerden traden of waren in dienst van de Surinaamse Scheepvaart Maatschappij (SMS). Op 18-jarige leeftijd bleef hij in Duitsland achter. Binnen de Surinaamse scheepvaart was de term ‘djompo wan boto’ bekend; zeelui die aan land gingen en niet meer naar het schip terugkeerden. ‘In Duitsland mocht ik bij een collega, die ook op de boot werkte, logeren. De politie kwam erachter en ik werd op de trein gezet richting Nederland’, vertelde hij met een ondeugend lachje. In Rotterdam werkte hij als classificeerder; het schoonmaken van motorruimten van schepen. Hij deed tegelijk de opleiding voor scheepdieselmonteur. Er volgde een promotie naar kraanmachinist.
Het leven van Osje nam een wending toen hij ging werken in een distilleerderij. Wellicht is daar zijn horeca-carrière begonnen. Op 17 november 1975 keerde hij naar Suriname terug. ‘Ik kwam voor de Srefidensi-festiviteiten, maar bleef in Suriname wonen’, vertelde hij enthousiast tijdens een interview. Hij wilde toen graag een distilleerderij opzetten, maar kreeg de vergunning daarvoor niet. In plaats daarvan zette hij een cafeetje hoek Tourtonnelaan en Koninginnestraat op. Kokolampu – ook wel Jazzyland genoemd – aan de Watermolenstraat was een volgend initiatief. Voor DOE-theatermakers Thea Doelwijt en Henk Tjon was het hun stamcafé. Via hen werd Osje gevraagd om de bar van schouwburg Thalia te exploiteren. Daar werd ook uitgebreid gediscussieerd over allerlei onderwerpen. ‘Helaas verstomde dit initiatief in 1980 vanwege konkruman (roddelaars, red.)’, verklaarde Osje.
Zijn vriend Harry Boedjiawan zag een pand in de Rust en Vredestraat (nu Frederik Derbystraat) dat te koop stond. ‘Het was bouwvallig maar we renoveerden het binnen een jaar’, vertelde Osje met trots. Tori Oso was een feit! Het concept was een bar met mogelijkheid om tori te praten, aan sport te doen, sociaal werk vorm te geven en commercieel bezig te zijn. De Schrijversgroep ’77 maakt al bijna dertig jaar, maandelijks, gratis gebruik van deze plek. Eartha Silos en Murwin Sabajo nodigden maandelijks een andere kawinaband uit om in Tori Oso te spelen. Aan het einde van het jaar werd uit deze optredens de beste kawinaband gekozen. Het Kawina Festival op owru yari is uit dit initiatief ontstaan. Samen met de Surifesta-organisatie heeft Osje voor veel gezelligheid gezorgd rond de jaarwisseling. Een van zijn dochters mocht op haar 25e verjaardag het roer van haar vader overnemen. Vooraan het gebouw staat: ‘Freedom of Speech’. Oswaldo liet bij zijn heengaan veel vrienden, kennissen en stamgasten speechless achter.
Gepubliceerd in het juni/juli-dubbelnummer 229 van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname)
Wilt u digitaal verder lezen? Kijk op www.parbode.com/abonneren






