Suriname blijft worstelen met hoge suïcidecijfers
Het aantal zelfmoorden en suïcidepogingen in Suriname blijft aanleiding geven tot grote zorgen. Vooral de maand juni liet een verontrustende piek zien. Volgens cijfers van het Korps Politie Suriname werden in die maand tien suïcides geregistreerd en vijftien pogingen tot zelfdoding. Hoewel de voorlopige cijfers over juli met drie geregistreerde suïcides lager uitvallen, blijft het probleem hardnekkig aanwezig.
Uit de politiecijfers blijkt dat Suriname ook in de voorgaande maanden met een hoog aantal gevallen te maken had. In mei werden zeven suïcides en zes pogingen geregistreerd. In april ging het om zeven suïcides en elf pogingen, in maart om zes suïcides en dertien pogingen, in februari om zes suïcides en vijf pogingen en in januari om zes suïcides en één poging.
Suriname behoort daarmee nog steeds tot de landen in de regio met de hoogste suïcidecijfers. Jaarlijks worden tussen de 200 en 300 suïcidepogingen geregistreerd.
Volgens onderminister Raj Jadnanansing van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid is het vaak moeilijk om één duidelijke oorzaak aan te wijzen, vooral wanneer iemand door suïcide is overleden. “Dan kunnen we de persoon niet meer vragen wat de doorslag heeft gegeven”, zei hij tegenover Radio ABC. Wel ziet hij terugkerende factoren zoals relatieproblemen, financiële zorgen, slecht medisch nieuws, werkgerelateerde problemen en gevoelens van uitzichtloosheid.
Een belangrijke ontwikkeling is volgens Jadnanansing dat mensen steeds minder met elkaar lijken te praten. “Praten helpt altijd. Het lijkt erop dat we dat steeds minder doen”, stelt hij. Juist een open gesprek kan volgens hem voorkomen dat gevoelens van wanhoop zich opstapelen.
Om mensen in acute nood sneller te bereiken, lanceerde de regering in juni de gratis crisishulplijn 114. De hulplijn is bedoeld voor mensen die met suïcidale gedachten worstelen of zich in een psychische crisis bevinden. Volgens Jadnanansing wordt er veel gebruik van gemaakt. Hij erkent dat onderzoeken naar de directe invloed van hulplijnen op het aantal suïcides uiteenlopende resultaten laten zien, maar benadrukt dat de eerste prioriteit is om iemand in een crisismoment te kalmeren en ervan te weerhouden een onomkeerbare beslissing te nemen.
Toch is een hulplijn volgens hem slechts één onderdeel van de oplossing. Er is behoefte aan een veel bredere aanpak waarin alle organisaties die zich bezighouden met mentale gezondheid beter samenwerken. Op dit moment werken veel initiatieven volgens hem nog los van elkaar.
Hij pleit daarom voor een geïntegreerd welzijnsbeleid, waarbij scholen, religieuze organisaties, sportverenigingen, buurtorganisaties, politiebureaus, maatschappelijke instellingen en zorgverleners gezamenlijk optrekken. Op ressortsniveau zou bovendien beter in kaart moeten worden gebracht welke organisaties actief zijn op het gebied van mentale gezondheid, zodat inwoners sneller de juiste hulp kunnen vinden. Ook voorlichtingscampagnes en bewustwordingsactiviteiten moeten volgens hem aanzienlijk worden uitgebreid.
Volgens Jadnanansing is de zorg voor het mentale welzijn van burgers niet alleen een taak van de overheid of hulpverleners, maar een verantwoordelijkheid van de hele samenleving. Familieleden, vrienden, collega’s en buren kunnen een belangrijke rol spelen door oprechte aandacht voor elkaar te hebben.
“Wanneer heeft iemand voor het laatst aan je gevraagd hoe het écht met je gaat?”, vraagt hij zich af. Juist dat eenvoudige gesprek kan volgens hem het begin zijn van een oplossing. “We kunnen niet in ieder huishouden een psycholoog plaatsen. Daarom is het belangrijk dat de mensen in de directe omgeving signalen leren herkennen en weten hoe ze een helpende hand kunnen bieden.”
Praten over zelfdoding? Er is hulp! Ga naar uw huisarts of bel PCS 477190 of de crisishulplijn 114.



