Van koloniale boekenkast tot digitale content
Lezen wordt gezien als een intelligente bezigheid die het ideologisch denken vormt. In de koloniale periode was lezen lange tijd voorbehouden aan witte mensen. Pas vanaf 1825 kwamen er, na veel gelobby van missie en zending, meer kansen voor totslaafgemaakten om te leren lezen. De nadruk lag daarbij op kerstening door Bijbelse teksten.
Door: Ismene Krishnadath
Intellectuele bezigheden lagen vooral op het terrein van witte mannen. Hilde Neus, die promotieonderzoek doet naar vrije vrouwen in de 18e eeuw in Suriname, wilde weten hoe het zat met hun leescultuur. Gouverneur Jean Nepveu schreef in 1776 in zijn dagboek dat dansen en opschik de hoofdpassie was van vrouwen. Neus stelt dat vrouwen naast dansen en opschik toch interesse hadden voor boeken. Rijke kolonialen hadden een particuliere bibliotheek, maar er was ook een uitleenbibliotheek. De boeken werden verscheept vanuit Europa. Hiertoe kon men bestellingen plaatsen. Daarnaast verschenen in de kranten regelmatig advertenties waarin boeken werden aangeboden…Het volledig artikel lezen? Dit staat in het december-januari nummer van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname). Wilt u digitaal verder lezen? Kijk dan op www.parbode.com/abonneren





