Voor u gelezen: Wat zullen de mensen zeggen?
Tahrim Ramdjan (1998) is algemeen verslaggever voor Het Parool. Dit boek is zijn debuut en wordt door de uitgever ‘een manifest tegen hokjesdenken’ genoemd. Ramdjan begint de proloog aldus: ‘In 2011 loopt een man een krantenredactie op in Londen. Vrijwel alles heeft hem tot dan toe meegezeten. Hij is man, heteroseksueel, wit, zat op het gymnasium en ging daarna naar de universiteit’. Het blijkt om de bekende Nederlandse journalist Joris Luyendijk te gaan.
Tekst Ko van Geemert
Ramdjan vergelijkt hem met zichzelf: ‘In dit boek ben ik Tahrim, […], man, gymnasium, universiteit. Verder ben ik van kleur, homo, islamitisch, van Surinaams-Hindostaanse afkomst maar in Nederland geboren’.
In de tien volgende hoofdstukken – met titels als ‘Dat je homo bent, staat op je voorhoofd geschreven’ en ‘Mijn islam laat ik niet meer stelen’ – vertelt hij over zijn homoseksualiteit, zijn eenzaamheid, over verdraagzaamheid, identiteit en discriminatie: ‘Ik had de indruk dat Suriname een vreedzame smeltkroes van culturen was. Het symbool daarvan is de Keizerstraat in Paramaribo, waar een synagoge en een moskee zij aan zij staan. […] Maar dat is slechts een deel van het verhaal’.
De Hindostanen zien, aldus de schrijver, de onafhankelijkheid in 1975 niet zitten en delven tot dan toe ook het onderspit wat betreft belangrijke posities op politiek en cultureel vlak.
Lees verder in het augustus/septembernummer van Parbode, verkrijgbaar in de winkel (in Suriname)
Wilt u digitaal verder lezen? Kijk op www.parbode.com/abonneren




