Waarom particuliere scholen tijdens eindexamens beter scoren
Jaarlijks kijken duizenden leerlingen, ouders en scholen gespannen uit naar de uitslagen van de eindexamens in het Voortgezet Onderwijs op Seniorenniveau (VOS). Dit jaar valt één trend duidelijk op: particuliere scholen behalen de hoogste slagingspercentages, zowel op VWO- als op HAVO-niveau. Opvallend, aangezien alle leerlingen exact dezelfde landelijke examens maken. Wat verklaart het verschil?
De cijfers voor openbare en bijzondere scholen blijven achter. Slechts 26,3% van de HAVO-leerlingen slaagde in één keer, bij het VWO was dat 45%. Ook na de herexamens bleven de resultaten beperkt: het landelijk gemiddelde eindigde op 60,9% voor VWO en 40,8% voor HAVO. Bij de dagopleidingen van VWO kwamen de scholen gemiddeld uit op 63,5% geslaagden, terwijl avond-VWO’s bleven steken op 45,2%. HAVO liet een nog grilliger beeld zien: 46,3% bij het tweejarig traject, 39,7% bij het driejarig traject en slechts 22,3% voor het avond-HAVO. Ook de Pedagogische Instituten kampen met wisselende prestaties. Landelijk lag het gemiddelde op 53,3%. Daartegenover staan de particuliere scholen die de beste resultaten behalen. Particuliere VWO’s noteerden dit jaar een slagingspercentage van 79,2% en particuliere HAVO’s 52,3%. Daarmee steken ze duidelijk boven het landelijk gemiddelde uit.
Een uitschieter is het Arthur Alex Hoogendoorn Atheneum (AAHA), dat dit jaar zelfs 100% geslaagden telde. Daarvan slaagde 85,2 procent in één keer. Het succes is volgens directeur Rosemary Simson-Amatdjimirin geen toeval. “Wij werken met een strategie waarin maatwerk centraal staat,” zegt ze. Na de uitslag van de eerste examenzitting wordt bij AAHA direct een begeleidingsprogramma gestart. Twee ervaren docenten – Richy Wongso (Scheikunde) en Soraya Bipat (Wiskunde) – ontvangen de leerlingen en hun ouders om persoonlijk advies te geven over mogelijke herexamens. Iedere leerling krijgt een-op-een begeleiding bij de keuze van vakken en bij het aanpakken van probleemgebieden. “Niet alleen de eigen docent springt bij, maar ook collega’s uit andere vaksecties,” legt Simson uit. “We maken flexibele schema’s zodat leerlingen op hun eigen tempo en volgens hun mogelijkheden kunnen werken. Die aanpak geeft resultaat.”
De intensieve ondersteuning wordt gedragen door volledige betrokkenheid van klassenvoogden, de schoolmaatschappelijke zorg (decaan) en de directie. Volgens AAHA is die collectieve inzet cruciaal voor het hoge slagingspercentage. ‘Zij creëren een vangnet waarin leerlingen zich gesteund voelen en waarin elke herkansing een reële kans op succes wordt’, stelt Simson. Zij citeert daarbij een motto van de school ‘Athetude’, het volharden in het behalen van het doel voor ogen.
De openbare en bijzondere scholen noemen vooral de invloed van de coronapandemie als reden voor de slechte prestaties. Tijdens de crisisjaren gold een aangepast curriculum, zei de Directeur Algemeen Vormend Onderwijs, Halima Poese eerder. Dit jaar is voor het eerst weer het examenniveau van vóór de pandemie toegepast. Dit jaar is voor het eerst weer het volledige examenniveau van vóór de pandemie toegepast. Het ministerie heeft besloten om de herkansingsnormen te verruimen van 40 naar 38 punten; deze maatregel is ongeacht de onvoldoende structuur.
Toch laten de resultaten zien dat vooral particuliere scholen erin slagen hun leerlingen succesvol door het examenproces te loodsen. Waar openbare en bijzondere scholen moeite hebben om boven de 50 procent uit te komen, zetten particuliere instellingen een veel stevigere basis neer. De cijfers maken één ding duidelijk: begeleiding en maatwerk blijken de doorslag te geven. Daarmee blijft de vraag voor het bredere onderwijsveld overeind: wat kunnen openbare scholen leren van de aanpak van hun particuliere counterparts?
Het augustus/september nummer van ons magazine is uit en verkrijgbaar bij een winkel bij u in de buurt. Dit zijn de verkooppunten. Wilt u digitaal lezen? Klik dan hier om te abonneren.




