Zo woon ik
Het huis van Audrey (55) op Zorg en Hoop was oorspronkelijk het huis van oma Nesje en opa Leo, door hen in 1958 gebouwd. Als oudste kleinkind en vanwege de speciale band die zij met hen had, heeft zij de zorg voor het huis overgenomen. Ze is er zowat opgegroeid. Als baby heeft ze zelfs enkele maanden bij hen gewoond, omdat haar ouders het in Nederland wilden proberen, maar ze kwamen al gauw terug. Haar ouders zette haar en haar broertje elke ochtend daar af, voor ze zelf naar het werk gingen. Oma bracht haar de eerste schooljaren naar school; altijd eentje in de buurt: kleuterschool Mariahofje, St Bernadette, Christus Koning, Lyceum I. Audrey’s kumba tei ligt in de tuin begraven onder de cabana, waar vroeger de kersenboom was.
Tekst: Sandra Smit | Beeld: Lytania Bishoen
In 2017/2018 werd het huis helemaal gestript en heeft Audrey een nieuwe plattegrond gemaakt. Ze creëerde een open concept met harmonicadeuren die toegang geven naar het kleine balkon. Daar plaatste Audrey de schommelstoelen waar haar grootouders altijd in zaten en waar ze zelf ook het allerliefst in zit.

Verder zijn er drie slaapkamers en twee badkamers. Beide badkamers zijn in een moderne stijl opgetrokken en in harmonie met de rest van het huis. Beneden is een appartementje: een slaapkamer, woonkamer en bad+toilet. Daar verblijft ze soms zelf als ze boven aan gasten afstaat. Ze is een paar weken per jaar in Suriname.
Dit huis was Audrey’s eerste renovatie- en interieurproject. Audrey: “Ik heb het met veel liefde gedaan! Ik vond het heerlijk een deel van de oude spullen van m’n grootouders te kunnen hergebruiken en zo worden mijn mooie herinneringen levendig gehouden.” Tijdens deze verbouwing ontdekte ze haar creatieve kant en raakte zo geïnspireerd dat ze vervolgens meerdere huizen en kantoren heeft gerenoveerd en (her)ingericht. Het bleef niet bij gebouwen, ze kreeg ook inspiratie voor ‘tuinscaping’, wederom begonnen in haar eigen tuin.
“Ik werk momenteel nog fulltime als arbeids- en organisatiepsycholoog, maar dit is een zodanige passie, dat ik het naast mijn werk wil blijven doen en er misschien wel mijn core business van ga maken.
Huis en tuin zijn altijd netjes, zegt ze zelf. “Nog steeds hark ik elke dag de tuin, in rechte strepen, gras- en bladloos. Wee je gebeente als iemand op het net geharkte zand gaat lopen en daar zijn voetafdrukken achterlaat.” Eén voetdruk is wel vereeuwigd, op een van de betonnen traptreden is de afdruk van een kindervoetje zichtbaar: van Benny, de jongste van de zes hier opgegroeide kinderen en helaas niet meer in leven.

Tijdens ons gesprek manifesteert zich steeds de speciale band die Audrey met haar oma had. Ze wijst op de linkerkant van de voortuin: daar staan nog de originele oude planten van oma. De andere kant heeft ze wel ingericht met moderne planten. Ook zijn er twee ‘platjes’ gemaakt van de rood-groene tegels afkomstig van de originele keukenvloer en het balkon. Ze laat me ook haar collectie oude glazen met fruit- of dierenprint en keukengerei-van-oma, zien.
Indien mogelijk wordt jaarlijks oma’s geboortedag in februari in dit huis gevierd. De hele familie wordt uitgenodigd en Audrey kookt dan de traditionele feestmaaltijd van oma Nesje: BB met R, pom, pastei, geroosterde kip, snijbonen en komkommer (met gekartelde rand).






